De energietransitie staat niet op zichzelf. Energie raakt opgaven als woningbouw, mobiliteit, klimaatadaptatie en natuur. Door energie vroegtijdig mee te nemen in gebiedsontwikkeling kunnen kansen worden benut en knelpunten worden voorkomen. De klantreis ‘Energie als onderdeel van andere opgaven’ laat zien hoe energie in verschillende fasen van planvorming kan worden meegenomen. En ook hoe dit kan worden verankerd in instrumenten van de Omgevingswet, zoals de omgevingsvisie, programma’s en het omgevingsplan.
Lees meer
De energietransitie draagt bij aan klimaatdoelen, maar kan ook gevolgen hebben voor natuur, landschap en biodiversiteit. Daarom is het belangrijk om natuur vanaf het begin mee te nemen in de ontwikkeling van energieprojecten. Denk daarbij niet alleen aan een goede ruimtelijke inpassing, maar ook aan de bescherming van Natura 2000-gebieden en beschermde dier- en plantensoorten. Vroegtijdig ecologisch onderzoek helpt kansen en risico’s in beeld te brengen en vertraging tijdens vergunningsprocedures te voorkomen. Daarnaast kunnen energieprojecten bijdragen aan natuurversterking door natuurinclusief ontwerp en beheer. Verschillende RES-regio’s werken hier al mee in de praktijk.
Meer weten?
Een goed ruimtelijk ontwerp kan bijdragen aan draagvlak, maatschappelijke meerwaarde en een betere inpassing van energieprojecten in hun omgeving.
Ruimtelijke kwaliteit gaat niet alleen over ontwerp, maar ook over de samenhang met landschap, natuur, cultuurhistorie en de identiteit van het gebied. Door deze aspecten vroegtijdig mee te nemen en inwoners en bedrijven te betrekken, kunnen energieprojecten beter aansluiten bij de kwaliteiten van een gebied.
Voor NP RES heeft Berenschot onderzocht welke instrumenten en praktijkervaringen kunnen bijdragen aan meer ruimtelijke kwaliteit bij energieprojecten.
Stikstof is een belangrijk aandachtspunt bij de ontwikkeling van energieprojecten. Hoewel stikstofuitstoot niet altijd volledig kan worden voorkomen, kunnen risico’s voor vergunningverlening vaak wel worden beperkt. Het is belangrijk om stikstofeffecten vroegtijdig in beeld te brengen en hierover tijdig af te stemmen met provincie, gemeente en andere betrokken partijen. Ook kan het helpen om al in een vroeg stadium onderzoek te doen naar mogelijke emissiebeperkende maatregelen. Door stikstof vanaf het begin mee te nemen in de planvorming kunnen vertragingen later in het proces vaak worden voorkomen.
De RES bevat regionale afspraken over de energietransitie, maar heeft zelf geen directe juridische werking. Om afspraken juridisch te laten doorwerken, moeten deze worden opgenomen in instrumenten van de Omgevingswet.
Dat kan bijvoorbeeld via een omgevingsvisie, programma, omgevingsplan of projectbesluit. Welke instrumenten het meest geschikt zijn, hangt af van de fase van het project en de gewenste mate van juridische binding.
Zo worden regionale ambities stap voor stap vertaald naar concrete besluiten en projecten.
Het omgevingsplan bevat de gemeentelijke regels voor activiteiten in de fysieke leefomgeving. Gemeenten kunnen hierin vastleggen waar bepaalde energievoorzieningen mogelijk zijn en welke voorwaarden daarbij gelden.
Het omgevingsplan speelt daarom een belangrijke rol bij de ruimtelijke inpassing van energieprojecten en de juridische borging van keuzes uit de RES.
De omgevingsvisie bevat de langetermijnvisie van een overheid op de fysieke leefomgeving. De RES bevat regionale afspraken over de energietransitie.
Gemeenten, provincies en waterschappen kunnen de uitkomsten van de RES verwerken in hun omgevingsvisies. Zo worden energieopgaven in samenhang bekeken met andere opgaven, zoals woningbouw, mobiliteit, natuur en klimaatadaptatie.
Een milieueffectrapport (MER) brengt de gevolgen van een project voor de leefomgeving in beeld voordat een besluit wordt genomen.
Of een MER nodig is, hangt af van het type project, de omvang van de ontwikkeling en de mogelijke milieugevolgen. Voor sommige projecten geldt een directe MER-plicht, terwijl voor andere projecten eerst een MER-beoordeling wordt uitgevoerd.
Een tijdige beoordeling helpt om milieueffecten vroeg in beeld te brengen en besluitvorming zorgvuldig voor te bereiden.
De Omgevingswet stimuleert een integrale benadering van de fysieke leefomgeving. Dat betekent dat energie, woningbouw, mobiliteit, klimaatadaptatie en natuur zoveel mogelijk in samenhang worden bekeken.
Door energievoorzieningen en energie-infrastructuur al vroeg mee te nemen in gebiedsontwikkeling kunnen toekomstige knelpunten worden voorkomen en ontstaat meer ruimte voor slimme, toekomstbestendige oplossingen.
Actueel
Werkwijze
Energiesysteem
Leefomgeving
Participatie
Communicatie
Wij helpen je graag verder!
Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.
Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.
Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.
Deze cookies worden gebruikt om statistieken te meten over het gebruik van de website (bijvoorbeeld via Google Analytics, Siteimprove of Matomo) en voor externe videodiensten zoals YouTube of Vimeo. Hiervoor maken wij gebruik van diensten van derde partijen. Deze cookies worden alleen geplaatst na jouw toestemming.
Jouw keuze aanpassen? Dat kan op elk moment via de cookie-instellingen in de footer.